Henry Sepers

poëzie proza video

Categorie: recensies Tzum (pagina 1 van 5)

Over Hoe ik een bos begon in mijn badkamer van Maartje Smits

Maartje Smits is een damhert

• Maartje Smits is een dichter.
• Maartje Smits is een beeldend kunstenaar.
• Maartje Smits beeldt de taal uit.
• Maartje Smits schrijft beeldende kunst.

Lees hier verder >>

Over Verzamelde gedichten van Wim Brands

Geheugen in scherven

In zijn bundel Hoger dan de dakgoot (1993) schrijft Wim Brands: ‘Ik maak/ mezelf nooit van kant zo lang dit geloof/ kan blijven duren: praten tegen een olifant.’ Op 4 april 2016 is de dichter het contact kwijtgeraakt met de ‘honderden kilo’s hemels geluk’ en maakt een einde aan zijn leven. Nu zijn de Verzamelde gedichten verschenen, klassiek vormgegeven door Van Oorschot die eerder de poëzie van Erik Menkveld op dezelfde wijze uitgaf. Een boek met een leeslint, gebonden, zonder versieringen, dat goed past bij de dichter Brands die wars was van opsmuk en uit alle macht de kern probeerde te raken van wat hem een leven lang achtervolgde. Lees verder>>

Over Verzamelde gedichten van Erik Menkveld

De inval van een stenen meisje

In de bundel Prime Time van Erik Menkveld (1959-2014), opgenomen in de zojuist verschenen Verzamelde gedichten, komt de kleine cyclus ‘De kinderbrug’ voor, over drie beelden van Hildo Krop aan het Muzenplein te Amsterdam. Ik woon in de hoofdstad, maar had nog nooit van het plein met de poëtische naam gehoord en de kunstwerken (waarvan foto’s zijn afgedrukt) herkende ik ook niet. Een blik op Google maps wees echter uit dat ik ze drie keer per week passeerde, op weg naar mijn school, het Vossius Gymnasium. ‘Nu, dagelijks onbekeken / door werkende moeders,’ (…)/ slingerende scholieren / mobiel bellende ellebogen,’ zegt de dichter. Ook ik had niet goed gekeken en voelde me betrapt. Lees verder>>

Over Slordig met geluk van Menno Wigman

De grijsaard en de jongeling

Het begint een trend te worden: dichters die de drank afzweren. Erik Jan Harmens en Ilja Leonard Pfeijffer staan al een tijdje droog en nu heeft Menno Wigman zich, na ernstige gezondheidsproblemen, ook bij de kloosterorde van non-tempeliers aangesloten. Hoe ik dit allemaal weet? Ze hebben mij (als trouwe kijker en luisteraar) dit zelf verteld in interviews op radio en tv. Vooral het gesprek dat Wigman met Pieter van der Wielen voerde in Nooit meer slapen (VPRO, Radio 1) was, in menselijk opzicht, indrukwekkend. Er kwam een kwetsbare man uit naar voren, bij wie alle wapens uit handen zijn geslagen. Zelfs de poëzie voldeed niet meer als middel om zich te handhaven in de wereld. Laat staan de drank en ‘het gespuis van vrouwen’. Lees verder>>

Over Op de rok van het universum van Tonnus Oosterhoff

De ruimte van het volledig leven

Je kunt Tonnus Oosterhoff niet verwijten dat zijn nieuwe roman Op de rok van het universum geen plot heeft. Het boek heeft er talloze. Dat komt niet doordat de schrijver, als een volleerde soapauteur, heeft gegoocheld met verhaallijnen. Integendeel: de enige doorlopende geschiedenis die hij vertelt, is die van Roelof de Koning, een dierenarts. Deze babyboomer leidt het plotloze bestaan van de meeste stervelingen: hij wordt geboren, gaat dood en daartussenin deint hij zachtjes mee op de golven van de tijdgeest. Het verhaal over dit weinig opzienbarende leven (‘een broodkruimel op de rok van het universum’) wordt echter begeleid door een stoet van anekdotes, korte essays, prozagedichten en aforismen die de wonderen en de waanzin tonen van de wereld om ons heen. Een paar korte voorbeelden: ‘Twee geliefden kussen elkaar boven in een reuzenrad. Ze verliezen hun evenwicht en vallen dertig meter naar beneden.’ Of : ‘Een nijlpaard probeert een riviergids in te slikken.’  Lees verder >>

Oudere berichten

© 2017 Henry Sepers

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑